Frontchirurg
Aflevering 6: Hoog bezoek
Lees vooral de vorige vijf afleveringen voordat u deze tot u neemt.
6.
Een uur later waren de staatssecretaris en ik alleen in mijn tent.
De Opera werd door het oorlogsgeweld plotseling afgebroken. Ik moest eigenlijk slapen, maar de staats wilde met mij spreken.
‘’Uiterst geheim… Top secret.’’
Ik beloofde het.
‘’Alleen de generaal en Margreth weten ervan. Er komt binnenkort een Nederlandse delegatie politici naar ons toe. Omdat dit zo’n dramatisch front is, willen we ze hierheen. Jullie krijgen dan extra beveiliging. Wil jij ze rondleiden? We hebben ze nodig. Nederland geeft ons geld en wapens. En medicijnen…’’
‘’Margareth is ook half Nederlands,’’ zei ik.
‘’Margareth is…Wij… Ik… ik weet niet wat ze wil.’’
‘’Weet u wel wat ik wil?’’
De staatssecretaris keek me aan. Vrouwen in de politiek zijn onhandig met macht en schoonheid. Ze vluchten in chic of vlot. Als ze een seksuele uitstraling hebben verbergen ze die in een weinig aantrekkelijk sportjack of in een iets te opzichtige jurk van een bekend modehuis. Beide kledingstukken moeten afstand bewerkstelligen. Sportjack: te lage klasse. Chic: te hoge klasse. Ontberen ze die uitstraling dan kopen ze die met een mantelpakje en hoge hakken. Voor die vrouwen moet je uitkijken! Ze begrijpen dat je machtige mannen kan verleiden tot het punt waarop je ze kunt beschuldigen, en ze weten meteen de vrouwen die op vrouwen vallen onrustig te maken doordat ze bereidwilligheid suggereren.
De staatssecretaris probeerde haar militaire outfit te dragen als iets uit Parijs voor een mevrouw die de veertig naderde en belangstelling wilde van machtige mannen. Gevaarlijk dus. Ook voor mij.
‘’Ik denk dat jij misschien wel….’’ Ze maakte haar zin niet af.
‘’Ik weet niet wat je wil,’’ zei ze.
‘’Ik ook niet.’’
Ze lachte. Ze wist al dat ik de Nederlandse delegatie zou ontvangen.
Ons doel: geld, wapens en medicijnen.
-
De Nederlandse delegatie.
Drie mannen in blauwe pakken en een vrouw in een nette broek en een kort jasje. Nederlandse mannen lopen zoals ze zich in bed gedragen en praten. Houterig maar direct. Als ze een tank zien, willen ze ernaartoe, een geweer willen ze onmiddellijk oppakken, aan een gewonde die bijna dood is en uit de Boerjatië komt vragen ze in steenkolenengels: ‘’ How are you?’’ Tegen mij zeggen ze: “Wat spreekt u goed Nederlands.’’
De vrouwelijke staatssecretaris zocht een bondje met onze staats. Die was bang voor bloed, dood en het leven. Hoe zij in de politiek was terechtgekomen was onduidelijk. Aan mij stelde ze de volgende vragen, en ik zet de antwoorden er even bij.
‘’Is het hard werken voor u?’’
‘’Door een tekort aan medicijnen, wapens en geld vallen er meer doden dan nodig is.’’
‘’Wat zijn de problemen die je hier tegenkomt?’’
‘’Omdat we een tekort aan medicijnen hebben en een tekort aan wapens en geld, zien we dat we mensen langer moeten laten lijden dan nodig is. We moeten te vaak besluiten tot amputaties door die verschrikkelijke mijnen die de Russen gebruiken. Met meer geld en betere wapens zouden we de medicijnen effectiever kunnen gebruiken.’’
Ik zag onze Oekraïense staats dempende bewegingen maken met haar handen. Misschien overdreef ik. Daarom besloot ik maar langs onze tenten te flaneren waar we sliepen en zei: ‘’En dit is ons mortuarium voordat de doden naar hun families gaan.’’
‘’In deze tent?’’
‘’In deze veertig tenten,’’ zei ik, en vertraagde mijn tred alsof ik op een begraafplaats was.
We gaven de delegatie koffie en omdat ze erg gespannen oogden deed onze apotheker er een uit Australië afkomstig poedertje bij waardoor ze snel ontspanden.
‘’Het zijn voor jullie ook drukke dagen,’’ zei ik.
‘’Zeker. Maar ik vind het ook heel gezellig hier,’’ zei een van de Nederlandse parlementariërs.
‘’Wilt u misschien wodka?’’ vroeg mon amour, le pharmacien.
Dat wilden de heren wel. Een klein glaasje.
‘’Een lekker glas,’’ vertaalde ik.
One staats keek bezorgd.
Er kwamen meer artsen binnen en de Nederlandse parlementariërs begonnen hun levensfilosofie uit te dragen. In zeer accentvol Engels zeiden ze tegen de artsen: ‘’War is terrible.’’
Nou, daar was iedereen het mee eens. Een ander parlementslid zei: ‘’Everything is so useless.’’
‘’Very useless,’’ zeiden de artsen die hun leven wilden geven om hun kameraden te redden.
En het vrouwelijke parlementslid zei: ‘’All those deaths…It is so sad…’’
Ook waar.
Ik deed ook maar een duit in het zakje: ‘’Oorlog maakt geil. Je wilt met een oorlog naar bed. Daarom is doden een orgasme. De mens wil veel orgasmes.’’
Iedereen enthousiast, behalve de Nederlandse politici.
‘’Oorlog is gelegaliseerde groepsverkrachting,’’ ging ik verder als antwoord op een vraag die niet was gesteld.
‘’Is er ook muziek? Ik heb zin om te dansen,’’ vroeg een parlementariër die zichzelf nog een wodka inschonk.
We maakten selfies en groepsfoto’s.
Met dat geld en de wapens en de medicijnen zou het vast wel goedkomen.
Onze Oekraïense staats - die vond dat we ze te veel dronken voerden met wodka - was boos. Maar waarom eigenlijk?
‘’ Hollanders kunnen niet tegen drank,’’ zei ik.
‘’Het leek wel of ze pillen hadden geslikt.’’
‘’Ze kunnen hun emoties niet in taal uitdrukken. Dat doen ze door te dansen. De klompendans is in Holland erg populair.’’
‘’Je gaat te ver,’’ zei Margareth die binnen was gekomen.
Ze zag er slecht uit. Ze had te veel gesnoept van het snoep.
Ik vroeg me af of haar verval nog was te voorkomen.
-wordt vervolgd -
Ik vind het ook gênant, maar ik moet reclame maken voor mijn boeken, want lezers vinden ze goed.
De Trip van Ferdinand Hania is echt een prachtig boek.
En lees dit oorlogsfeuilleton.
Groet, Theodor






E-book
Waarom is de trip van Ferdinand Hania nog niet als -book verschenen ?