Frontchirug
Aflevering 19, Een zware koffer
19
Een sms’je van Margareth.
‘’Helaas is je moeder bij een auto-ongeluk om het leven gekomen. Ze is op een bermbom gereden. We hebben weinig van haar terug kunnen vinden. Ze is gewoon helemaal verdwenen.’’
Tweede sms: ‘’Onze mannen hebben nog echt goed gezocht in de omtrek. Behalve wat lichaamsdelen en een deel van een arm, was ze helemaal ontploft.’’
Derde sms: ‘’Ze was geen vrouw, ze was ook geen man. Ze was niks. Haal deze sms’jes weg.’’
‘’Heb je van haar gehouden?’’ vroeg ik.
‘’Het spijt me. Verdwijn nu het nog kan.’’
-
Over de corruptie werd veel in de kranten geschreven.
We kregen nu elke week wel een buitenlandse delegatie te verwelkomen en allemaal vroegen ze hetzelfde: ‘’Hoe zit het met de corruptie?’’ Geduldig legden we uit dat oorlog verbindt, dat we voor elkaar opkomen, en dat dus de corruptie stukken minder was dan voor de oorlog.
‘’Maar soms moet je wel corrupt zijn,’’ zei ik dan.
En dan zag ik ze schrikken.
‘’Hoezo?’’ vroeg dan een Duitse, Franse of Nederlandse minister.
‘’Hoe moet ik aan medicijnen komen als we geen geld meer hebben? Hoe aan verbandmiddelen, aan krukken, aan rolstoelen, aan noem maar op, en als we die dan aangeboden krijgen uit de onderwereld omdat ze daar weten wat wij nodig hebben, wat moeten wij dan doen? Zo zit het ook met wapens. We hebben nauwelijks bommen meer, nauwelijks luchtafweergeschut, nauwelijks munitie, omdat jullie maar twijfelen en twijfelen. Wat moeten wij dan doen als hier een Chinees komt met een goed voorstel, of een Rus met overgebleven wapens, of een Fransoos met oude artillerie? Of een dokter uit Holland met mitrailleurs uit Duitsland?’’
Als ze in discussie met me wilden, leidde ik ze de tent rond met de soldaten van wie ledematen geamputeerd moesten worden. Ik kon gelukkig worden als ze allemaal moesten kotsen. Het geluid van hun gebraak en het gekreun van de patiënten gaf wonderlijk moderne harmonieën.
‘’We kunnen proberen in EU-verband nog wat…los te krijgen,’’ zei er soms één.
‘’Het spijt me, ik moet aan het werk.’’ En dan riep ik: ‘’Maak patiënt 10741 maar klaar” en begon mijn handen te wassen met ontsmettende zeep en deed handschoenen aan die roken naar oude condooms.
Niemand bleef kijken. Ik luisterde naar mijn eigen compositie voor één zaag, Opus 1, ‘De operatiezaal.’ Prachtige Russische en Oekraïense stemmen. Cultuur verbindt.
-
Na twee weken te hebben ondergedoken in de halve ingevallen ruïne van boerderij in de buurt van ons front (er bestaan in deze buurt alleen nog maar oude, half ingevallen boerderijen) haalde ik mijn Oekraïens geworden soldaat op, gaf hem een brief mee waarin stond dat hij op een gevoelige geheime operatie was gestuurd en uit Lviv medicijnen van het station moest halen (ik had de brief laten ondertekenen door Vier Sterren Big, die dacht dat hij wat ging verdienen terwijl hij kon vermoeden dat hij verraden zou worden) en liet mijn Russisch Joodse biseksueel wegrijden. Nu bidden, hopen op gunstige kaarten, het koffiedik gunstig stemmen en de glazen bol eens goed opwrijven.
-
Mijn vadermoeder werd gekist in Kyiv en naar Nederland gestuurd.
De Militaire Politie kwam weer langs.
‘’Uw moeder had een grote zware koffer bij zich. Weet u wat daarin zat?’’
‘’Ja.’’
‘’Wat dan?’’
‘’Geld,’’ zei ik.
Dat ik dat wist verbaasde ze.
‘’Het was heel veel,’’ zei de leuke agent.
‘’Ik denk ongeveer een miljoen,’’ zei ik.
Ze knikten.
‘’Ik vrees dat we u dus ook moeten arresteren.’’
‘’Dat begrijp ik. Ik word graag verhoord door de hoogste in rang.’’
En zo kwam ik van uit het front, weer in Kyiv terecht. Ik werd twee dagen opgesloten voordat het verhoor begon.
Het verhoor werd afgenomen door generaal Margareth, inmiddels hoofd van de interne beveiliging, en nog twee hoge dienders, een van de marine en de ander van de luchtmacht.
De koffer stond in de hoek.
Leeg.
‘’U wist dat uw moeder geld vervoerde?’’ vroeg Margareth. (‘Oei, wat ben je streng, gekkerd!’ zei ik maar niet.)
Ik knikte.
‘’Weet u ook hoe zij aan dat geld kwam?’’
Dat wist ik, en ik begon mijn monoloog.
(Zaallicht uit, podiumlicht ook uit. Volgspot op mij!)
‘’ Toen ik jong was, zag ik op een dag mijn vader in het trapgat hangen. Hij had zich altijd voor mij en voor zijn vrouw geschaamd. Hij schaamde zich voor zijn diepe depressies, hij schaamde zich voor het feit dat hij niet kon aarden in Nederland, hij schaamde zich dat het voor hem onmogelijk was om zijn vrouw en mij te onderhouden. Daar kwam nog bij dat zijn vrouw op iemand anders verliefd werd en hij zijn huis uitgezet zou worden…’’
Ik keek iedereen even kort aan. Men was nog niet echt aangedaan.
‘’Mijn moeder… ze moest hard werken om geld voor mijn studie te betalen. Keihard. (of eerst hard ipv keihard en dan Keihard om het te benadrukken) Maar ook zij raakte in een existentiële crisis. Wie was zij? Wat was zij? Wat ging ze doen? Mensen helpen. Dat was haar antwoord. Dat was wat zij het liefste wilde. Mensen helpen. Altijd maar mensen helpen. Met goede raad, met het schrijven van brieven, met vrijwilligerswerk, en ten slotte, ten slotte, ik zeg…ten slotte…want daar kwam het altijd op neer, ten slotte hielp zij, terwijl zij niet rijk was, de meest kwetsbare mensen, de verschoppelingen van stad en land… met geld. Tot zij niets meer had.’’
Ik keek weer even rond. Verdomme, het lukte me niet die mensen te ontroeren!
‘’Mijn moeder… mijn vreemde moeder… wat gaf zij toen zij geen geld meer had? Zij gaf de mensen hoop. Hoop! Want alle mensen willen hoop. Hoop is soms meer dan geld. Hoop is een glans in de ogen van de mensen. Hoop is het scheppen van een nieuw landschap, een nieuw uitzicht, soms een nieuw paradijs… En daarom begon mijn moeder de kaart te leggen. Ze kon de mensen iets meer laten zien van hun toekomst. Maar zo’n toekomst had alleen zin als er geld was. Een toekomst zonder geld is een bos zonder bomen, een zee zonder water, een aarde zonder mensen…’’ Ze kwamen zomaar m’n mond uitrollen. En ik zag Margareth licht knikken ten teken dat ik de goede kant op ging.
‘’U weet… dat mijn vader een trotse Oekraïner was. Mijn hele leven heeft hij gezegd dat ik een Oekraïense was. En toen de oorlog uitbrak, heb ik zelf alles uit mijn handen laten vallen, om hier te dienen, om hier te helpen, om hier Oekraïne… aan een zegen te helpen! En dat wilde mijn moeder ook.’’
Margareth maakte een teken dat ik moest opschieten.
‘’Mijn moeder wilde alles, alles, alles doen om Oekraïne te helpen. En dus kwam ze hier om de mensen hoop en geld te geven.’’
‘’Maar hoe kwam ze aan dat vele geld?’’ vroeg een schat van een knaap.
‘’Hollanders handelen. Ze handelden in alles. Ze zag dat wij bijvoorbeeld een gebrek hadden aan medicijnen aan alles eigenlijk. En dus moest ze ze kopen. Ze kon handelen als geen ander, juist omdat ze een goed netwerk had opgebouwd. En dus haalde ze geld uit Nederland en ging ze hier met Russen en Chinezen, Iraniërs, met alles en iedereen onderhandelen om medicijnen. En het lukte haar. Ze moest kopen en verkopen. En ze maakte geen winst. Maar net op het moment dat zij de grootste transactie ging doen om medicijnen te bemachtigen die wij aan het front hard nodig hebben, werd zij vermoedelijk verraden en is haar auto verongelukt.’’
Margareth knikte. Ik had niks miszegd.
‘’Er zijn ook stemmen die zeggen dat uw moeder corrupt was en misbruik maakte van de Oekraïense gastvrijheid en eigenlijk het Russische leger hielp.’’
‘’Dat geloof ik niet. Maar het kan altijd. Ik hoop dat u het goed uitzoekt. Ikzelf ben mijn moeder alleen maar dankbaar voor de vele medicijnen en andere medische goederen die wij van haar hebben gekregen. Het kan best zijn dat zij daarvoor corruptie heeft moeten plegen. Maar aan de andere kan van de balans staan de grote hoeveelheid levens die zij heeft gered.’’
Nu knikte iedereen.
wordt vervolgd+
Het satirische oorlogsfeuilleton “Frontchirurg” nadert zijn einde, maar ik weet niet precies hoe lang het gaat duren. Hou nog even vol.



