De Toren van Babel is Torentje Bussekruit
De professionele hypochonder
Ha Grijpstuivertje
Grappig hè? Nu eens val ik uit elkaar, dan weer jij.
Jij denkt nu dat je griep hebt, maar ik denk dat het veel erger is. Althans, dat zou ik denken als ik jou was.
Ik ben professioneel hypochonder, alleen word ik er niet rijk van omdat niemand me er geld voor wil geven.
Voor jou heb ik een zalfje gemaakt van hondenstront met chocolademelk en een drankje van uitgeperste muizenfeces met ranja. Als dat niet helpt kan je de medische wetenschap net zo goed in de prullenbak gooien.
Heb je ook weer met plezier de overlijdensadvertenties gelezen?
Wij zijn een oud kostuum dat langzaam kapot gaat; de knopen vallen van het jasje, er komen rafels aan de mouwen, de rits van de broek doet het niet meer en om ons heen zien we het modieuze pak van de jeugd dat ons niet staat.
Is dat erg?
Ach, doodsangst doet leven.
Gisteren overleed A. Ze had al COPD en daar kwam longontsteking overheen en weg was ze. Dat was het! Klaar! Maakt het uit wat ze heeft nagelaten? Dacht het niet.
Zal ik je eens vertellen waarom onze cultuur in een hospice ligt te wachten op het verscheiden? Omdat wij de gestorvenen die voor ons wat betekenden niet meer in ons persoonlijke curriculum zetten. Ik dacht laatst aan enkele kunstenaars en schrijvers die ik heb gekend. Boudewijn Büch en Martin Bril bijvoorbeeld. Ik zocht laatst van beiden een boek in de boekwinkel. Verrassing 1: die boekwinkel was weg. Verrassing 2: in de andere boekwinkel hadden ze de boeken niet die ik zocht. Verrassing 3: er was niets meer van beide auteurs op voorraad. Verrassing 4: het ontzettend lieve meisje vroeg me twee keer naar de naam van Bril. “Wie zegt u?’’ “Martin Bril.’’ “Martin Bril…,’’ herhaalde ze. Ze zocht iets op in een computer. Ik kon wel huilen. Niet dat Martin en ik zulke dikke vrienden waren, maar we vonden elkaars aanwezigheid altijd leuk. Dat gold tevens voor Boudewijn en mij. Met Bril praten over Amerikaanse literatuur en met Boudewijn roddelen over Komrij en zijn vriend Charles. (En omgekeerd mocht ik graag met Gerrit roddelen over Boudewijn.) Maar we spraken ook over elkaars werk. Waarom verschijnen er geen essays meer over beiden? Ook geen essays meer over Komrij trouwens, terwijl over deze drie nog best veel te melden valt. Zeker over Komrij, om eerlijk te zijn. Maar laten we eens verder teruggaan. Wie leest nog Vondel, PC Hooft, of de prachtige gedichten van Constantijn Huigens? Wie hij was? Wiki: ‘’Een Nederlandse dichter, diplomaat, geleerde, componist, architect en polyglot. Huygens staat bekend als een van de grootste dichters uit de Gouden Eeuw. Hij was tevens secretaris van twee prinsen van Oranje: Frederik Hendrik en Willem II.’’ Alstublieft, dankuwel. Welke rol speelt hij in onze cultuur? Geen mens die het weet. Geen Nederlander die het interesseert. Luister naar de jeugd en je hoort hoe ze onze taal ten grave dragen. Met Tiktok- en Facebook-pidgin, met Surinaamse en Arabische woorden. Ik weet wel dat taal leeft en verandert. Maar als je je eigen taal niet waardeert, begrijp je hem na verloop van tijd niet meer, beheers je hem niet meer en word je overheerst door mensen die de taal wel begrijpen. Laten we niet vergeten zoals in Genesis 11:1-9 staat dat het hoogmoed was waardoor God de meertaligheid de wereld in strooide waardoor wij in verwarring werden gebracht. Hoogmoed! “Kom aan, laat Ons nedervaren, en laat Ons hun spraak aldaar verwarren, opdat iegelijk de spraak zijns naasten niet hore’’. Verwarren. Taal verwart, en wij schrijvers moeten duidelijkheid verschaffen. Zo zie ik dat. Als je steeds maar de taal verandert, blijf je verwarren en is eigenlijk een teken van hoogmoed. Zo, ik heb gezegd. Nee wacht, nog even een beeld: als taal leeft en je behandelt hem slecht wordt hij vals, net als een hond die je slecht behandelt.
Ben je nu al beter? Dat moet eigenlijk wel, want deze mail heb ik gedrenkt in het doopwater van een jonge kraai dat werd bewaard in een flesje van Muranoglas en dat al sinds de 13de eeuw in het bezit van onze familie is.
En omdat ik telepatisch ben (Indische afkomst) weet ik ook wat je denkt. Namelijk: verkeert de hele wereld anno 2026 niet in verwarring, een totale spraakverwarring welteverstaan? De taal van Trump wordt niet begrepen door ons, terwijl we Engels kunnen verstaan. Is Trump te hoogmoedig? Of zijn wij het tegenover hem? We houden niet van elkaar, dat is wel duidelijk. Wie van elkaar houdt, spreekt dezelfde taal, wie haat is expres verwarrend. Toen ik vroeger communist was, kon ik mijn vader woedend maken door zijn opvattingen te verwarren met marxistische dogma’s. “Kapitalisme, bah, voor jullie zijn mensen ongelijk en dus ongelijkwaardig.’’ En: “De markt bedondert je altijd. Kijk maar op de Albert Cuijp, allemaal slechte spullen!’’ (Het tegendeel was waar, dat zag ik toen ook al.) Of: “Door het kapitalisme betalen we allemaal te veel geld en de winsten gaan naar de grote bedrijven.’’ Etcetera.
Tja, en nu hoor ik steeds: “Wat Trump nou weer zegt…’’ En: “Wat Wilders nu weer beweert…’’ De Toren van Babel kent vele verdiepingen; bovenaan kom je nooit. En we merken nu al dat dezelfde woorden het omgekeerde betekenen van hoe we ze in het verleden definieerden. De Toren van Babel is Torentje Bussekruit.
Maar ziek is ziek en oud is oud en wij zijn ziek en oud. We worden in leven gehouden door pillen die in ons lichaam een oorlog voeren die de natuur niet meer voor ons kan winnen.
Ik strijd tegen boosheid en woede, maar dat lukt niet goed. Ik haat en ben rancuneus. In feite vind ik dat je slechte eigenschappen moet bestrijden en goede in het licht moet zetten, maar al je goede eigenschappen worden overlopen en vertrapt door schurken.
Alle mensen zijn gedoemd tot onvrede. Dat kan niet anders. Zijn ze over iets tevreden, dan komt mettertijd de sleet daar een einde aan maken. Alstublieft, dankuwel. Vrede is een staat van saaiheid waar de mens zich constant tegen verzet omdat hij zich anders nutteloos voelt. En agressie bevredigt meer dan vrede. Ken jij tevreden charismatische persoonlijkheden? Ik niet. Of het zijn politici en klootzakken die ons proberen koest te houden door een constante stroom van leugens en ons aldus verwarren en zodoende weer een verdieping hoger op de Toren van Babel terechtkomen. Waarom? Macht. Het oudste en beste afrodisiacum dat we kennen.
Als je nu niet opgeknapt bent, weet ik het niet meer.
Groeten, Theodor.
Kort verhaal
Hij en ik
“Waar denk je aan, pap?’’
Die keek naar zijn handen op z’n deken en zei: “Ik dacht laatst… wat is het precies het verschil tussen ik en hij?’’
De zoon keek op. Hij wist dat vaders geest soms in een bos van afgestorven en nog half levende neuronen verdwaald raakte, maar dit leek hem oprecht bezig te houden.
“Ik snap niet goed wat je bedoelt, pap. Ik… dat is de eerste persoon… en hij… de derde…’’
“Ja, dat weet ik.’’ Even was zijn vader geïrriteerd.
“Bedoel je met hij God? Ik, de mens, en Hij… Wat bedoel je?’’ vroeg de zoon.
“Nee, nee…ja…nee…’’
“Wat dan?’’
Het was alsof het bestuderen van zijn handen zijn vader niet gerust stelde.
“Ik bedoel… hij, mijn vader… en ik… Niet hij God, maar hij, jouw opa… Opa dus…’’
“Ik heb hem weinig gezien.’’
“Ja… hij was…’’
De zoon zweeg, want zijn vader wilde nog iets zeggen.
“Opa was… een mislukkeling… En daardoor een slecht mens…Hij was onbetrouwbaar.’’
“Wat heeft dat te maken met ik en hij?’’
“Ik ben bang dat IK, net als HIJ, ook een mislukkeling ben en daardoor een slecht mens.’’ Z’n vader legde nadruk op de woorden ik en hij.
“Jij bent een goed mens, pap.’’
“Nee… nee… Je weet niks, ik ben geen goed mens…’’
“Wat heb je dan niet goed gedaan?’’
Zijn vader schudde in schokjes zijn hoofd.
“Ik ben altijd bang geweest dat ik zou worden als hij…’’
“Dat ben je zeker niet, pap… Iedereen houdt van je en heeft van je gehouden. Al die kaartjes die je krijgt.’’
“Dat bedoel ik niet… Maar ik heb me zo tegen hem verzet… dat ik…”
Vader zweeg en perste even zijn lippen tegen elkaar. De zoon liet hem begaan. Hij keek op zijn horloge en zag dat het tijd was om op te stappen.
“Mijn haat…,’’ zei z’n vader opeens, “mijn haat was zo groot dat ik daardoor altijd tekort ben geschoten…’’
“Dat ben je niet.’’
“Jawel. Ik heb nooit gedaan wat ik wilde doen. Ik heb alleen maar angst en haat gevoeld. En daardoor mislukte ik ook.’’
“Mamma en ik hielden en houden van je.’’
“Ja, maar van wat voor een man hielden jij en mamma?’’
“Een hele aardige man.’’
Zijn vader knikte moeizaam en herhaalde: “Een hele aardige man… Misschien is dat wel waar het in mijn leven om gaat. Een hele aardige man zijn… Die geen dag heeft gedaan wat hij wilde doen. Wat hij moest doen.’’
Z’n zoon keek hem aan.
“Ik en hij,” zei z’n vader, “ik heb nooit een vriend van hem kunnen worden, maar ben altijd zijn vijand gebleven. En ik snap zelf niet dat ik, ondanks dat ik jou als zoon heb en veel van je hou en ik van mamma veel gehouden heb, ik nog steeds niet kan verkroppen dat ik hem niet heb verslagen. Ik heb verloren.’’
“Verloren? Waarom dan?’’
“Alles wat ik heb gedaan, zou hij mislukt vinden. Een baantje om jullie in leven te houden en verder niets. Het leven liet ik aan me voorbijgaan, om maar niet te worden als hij. Zijn oordeel over mij, is ook mijn oordeel over mij. Hij heeft gewonnen.’’
De zoon verliet het ziekenhuis en besloot niet de tram te nemen maar naar huis te lopen.
Lees
De trip van Ferdinand Hania
Nog één citaat wat ik net ontving van G vd M: “Toen ik het uit had begon ik het weer te lezen.’’





